![]() |
Zelf aan de slag met 3DInleiding |
U zult de term 3D ongetwijfeld wel eens hebben horen vallen. De
afkorting 3D staat voor driedimensionaal. Deze term geeft aan dat
het om een ruimtelijke omgeving gaat. Wat hier precies mee wordt
bedoeld, zal ik aan de hand van een aantal voorbeelden proberen
uit te leggen.
Bij een eendimensionale ruimte kunt u bijvoorbeeld denken aan een balletje in een smalle kooi. Het balletje kan in deze kooi alleen naar links en rechts bewegen in een rechte lijn. ![]() Eendimensionale ruimte. In een tweedimensionale ruimte kan het balletje uit het eerdere voorbeeld ook voor- en achteruit bewegen. Dit is mogelijk wanneer de kooi dieper wordt gemaakt. Het balletje kan nu vrij in de kooi ‘rondrollen’. ![]() Tweedimensionale ruimte. Tot slot wordt de kooi ook hoger gemaakt, waardoor het balletje omhoog en omlaag kan bewegen in de kooi. Nu is er sprake van een driedimensionale ruimte omdat er drie soorten bewegingen kunnen worden uitgevoerd: van links naar rechts, voor- en achteruit en omhoog en omlaag. ![]() Driedimensionale ruimte. |
De drie dimensies worden ook wel lengtedimensies genoemd, omdat aan de
hand van de lengtedimensies elke positie in een ruimte is aan te wijzen.
U kunt bijvoorbeeld zeggen ‘een meter naar links’ of ‘drie meter omhoog’.
Als er met twee punten wordt gewerkt, dan kunt u zeggen ‘ik sta een meter
links van je, drie meter voor je en 2 meter onder je’. Aan de hand van drie
dimensies is het dus mogelijk om exact de positie in een omgeving te specificeren.
De wereld om ons heen bestaat ook uit deze drie dimensies. Wanneer met de
computer 3D wordt gemaakt, dan bestaat er een 3D-omgeving in het geheugen van de
computer. Deze omgeving, vaak ‘wereld’ of ‘3D-wereld’ genoemd, wordt door
3D-software zichtbaar gemaakt. Een andere benaming is in het Engels ‘scene’,
of in het Nederlands ‘scène’. De 3D-wereld is voor allerlei toepassingen te gebruiken.
|
[ Inleiding ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() (c) 2000, Rogier Mostert |